Golf – het mentale spel (wat eigenlijk een emotioneel spel blijkt te zijn)

Golf – het mentale spel

Als er één vaardigheid is waarbij de samenwerking tussen fysieke en mentale en emotionele competenties allesbepalend is voor het resultaat, dan is het golf.

In principe is golf helemaal niet zo moeilijk. Als je ontspannen met je armen kunt zwaaien terwijl je een stok vasthoudt, heb je de basisbeweging eigenlijk al in huis. De golfswing is in essentie een heel natuurlijke beweging. Vergelijk hem maar eens met het laten stuiteren van een steentje over het water.

Toch wordt golf moeilijker naarmate je er meer over gaat nadenken.

Zodra je tijdens de swing bewust probeert te controleren wat je moet doen, wordt het lastig. Het is een beetje alsof je een trap oprent en tegelijkertijd bewust wilt bepalen waar je iedere voet neerzet. Wat normaal gesproken vanzelf gaat, wordt opeens een ingewikkelde handeling.

Ons bewuste denken is namelijk niet bijzonder goed in het aansturen van snelle, complexe bewegingen. Je lichaam beschikt over een enorm vermogen om bewegingen automatisch uit te voeren. Het denken is vooral goed in bedenken wat je wilt, het onderzoeken van mogelijkheden en het maken van keuzes.

Daar ligt een belangrijke sleutel voor golf:

Eerst bedenken wat je wilt. Daarna je lichaam de ruimte geven om het uit te voeren.

Zoals een architect het huis ontwerpt en vervolgens de aannemer zijn werk laat doen, zonder tijdens iedere handeling te roepen waar de volgende steen moet komen.

De oefeningen om het mentale en fysieke deel goed te laten samenwerken zijn op zichzelf niet moeilijk. Je kunt ze zelfs gedurende de dag trainen. Nog belangrijker is dat je ze onderdeel maakt van je routine.

En daar begint het interessante deel.

We gebruiken één lichaam, maar verschillende systemen

In theorie is het eenvoudig. In de praktijk wordt het ingewikkeld doordat verschillende systemen in ons lichaam tegelijkertijd actief zijn — en niet altijd dezelfde kant op werken.

Je kunt grofweg onderscheid maken tussen:

Het instinctieve systeem
Dit regelt allerlei automatische lichaamsfuncties zoals hartslag, ademhaling en spijsvertering. Je hoeft daar niet over na te denken. Het gebeurt gewoon.

Het motorische systeem
Hiermee voeren we bewegingen uit die we hebben aangeleerd en geautomatiseerd. Wandelen, fietsen, typen, autorijden en talloze andere vaardigheden kunnen we uitvoeren zonder iedere beweging bewust te plannen.

Het emotionele systeem
Dit reageert razendsnel op wat er om ons heen en in onszelf gebeurt. Spanning, angst, irritatie, opwinding of de wens om iets goed te doen kunnen onmiddellijk lichamelijke reacties veroorzaken. Vaak zonder dat je daar bewust voor kiest.

Het mentale systeem
Dit is het deel waarmee we nadenken, analyseren, keuzes maken en nieuwe bewegingen aanleren.

Het fascinerende is dat vrijwel al onze dagelijkse bewegingen grotendeels automatisch verlopen.

Tot we gaan golfen.

En dan komt het emotionele brein ertussen

Procesmatig is golf eigenlijk niet anders dan ieder ander proces:

bedenken wat je wilt → doen wat daarvoor nodig is → het resultaat ervaren en waarderen.

Eerst is er een intentie.
Dan volgt de uitvoering.
Daarna komt de beoordeling.

Als die drie door elkaar gaan lopen, ontstaan problemen.

Je hebt je bal gevisualiseerd en een doel gekozen. Je neemt je houding in. Je begint aan je swing.

En dan gebeurt het.

Niet in het water.
Niet naar rechts.
Ik moet deze echt goed slaan.
Als ik deze maak, win ik.
Iedereen kijkt.
Niet weer zo’n slechte swing.

Op dat moment ben je niet meer alleen bezig met de uitvoering. Je bent bezig met het resultaat.

En zodra er emotionele betekenis aan het resultaat wordt gekoppeld, kan je lichaam reageren voordat je dat zelf in de gaten hebt.

Je schouders trekken iets op.
Je grip wordt steviger.
Je benen spannen zich aan.
Je bekken beweegt net anders.
Je ademhaling verandert.

Geen van die bewegingen heb je bewust gepland.

Maar ze zijn er wel.

En bij een golfswing, waarin millimeters het verschil kunnen maken tussen een fantastische en een dramatische balvlucht, kan dat genoeg zijn.

Een iets te gespannen schouder kan de beweging beïnvloeden. Een veranderde grip kan het clubblad anders laten komen. Spanning in je benen of romp kan de rotatie verstoren.

En het meest frustrerende?

Je merkt vaak pas ná de slag dat je gespannen was.

Je lichaam was al bezig voordat je bewuste denken doorhad wat er gebeurde.

De perfecte swing begint daarom niet bij je swing

Veel golfers proberen een slechte slag op te lossen door nóg beter te leren slaan.

Nog een swingtip.
Nog een technische aanwijzing.
Nog een filmpje.
Nog meer controle.

Maar soms zit het probleem helemaal niet in de techniek.

Je lichaam kan de beweging namelijk prima uitvoeren. Het probleem ontstaat omdat je tijdens de uitvoering iets probeert te controleren wat juist automatisch zou moeten gebeuren.

De oplossing is dan niet: meer denken.

De oplossing is: op het juiste moment stoppen met denken.

Je mentale systeem is er om het doel te bepalen.

Je lichaam is er om de beweging uit te voeren.

En je emotionele systeem mag daarna bepalen wat je van het resultaat vindt.

Niet eerder.

Dat klinkt eenvoudig. En dat is het ook.

Maar eenvoudig betekent niet automatisch gemakkelijk.

Hoe diep wil je gaan?

De basisoefeningen zijn eenvoudig en blijken in de praktijk al een groot deel van de problemen op te lossen.

Een slag dieper gaat een individuele sessie. Daarin onderzoeken we welke hardnekkige patronen jouw swing beïnvloeden. Niet door nóg meer techniek toe te voegen, maar door zichtbaar te maken wat er onbewust gebeurt en te leren die reactie te neutraliseren.

Vaak is één sessie voldoende om een belangrijk patroon te herkennen en te doorbreken. Daarna krijg je oefeningen mee om het nieuwe gedrag onderdeel van je routine te maken.

Nog een slag dieper is persoonlijke begeleiding vóór en tijdens een wedstrijd.

Want op de driving range is ontspannen blijven meestal niet zo moeilijk.

De echte test komt op de eerste tee.

Als er iets op het spel staat.
Als anderen kijken.
Als je een score wilt neerzetten.
Als je die ene belangrijke slag móét maken.

Dáár wordt duidelijk of je lichaam werkelijk de ruimte krijgt om te doen wat het kan.

Golf is eenvoudig.

Tot we het moeilijk maken.